WMO nog onvoldoende ontwikkeld

42% van de mensen die achteruitgaan in zorg, door bezuinigingen in de AWBZ-zorg, heeft problemen met het opvangen van de eigen beperkingen. 40 % van de ouderen hebben in 2009 een nieuwe indicatie gehad, die leidde tot minder zorg of wegvallen van dagactiviteiten via de AWBZ. Veel ouderen komen hierdoor in de problemen. Men is bang voor verlies van zelfstandigheid, vereenzaming of overbelasting van de partner.

Een voorbeeld: ouderen met beginnende dementie krijgen geen indicatie meer voor dagopvang in de AWBZ, terwijl de Wmo nog onvoldoende alternatieven biedt.

Uit onderzoek onder mensen die in 2009 een nieuwe indicatie kregen blijkt dat twee op de tien mensen denken dat een zelfstandig bestaan niet meer goed is vol te houden. Meestal is niet direct een oplossing voor handen. Veel cliënten vallen in een gat tussen de afbouw van de AWBZ en de te langzame opbouw van voorzieningen in de Wmo.

Ondanks meer geld van het Rijk maken de Gemeenten nog geen haast met ontwikkeling van een breder aanbod van ondersteuning in de Wmo.

Cliëntenorganisaties hebben bij staatssecretaris Bussemaker aangekaard de opbouw van de Wmo te versnellen, en kritisch te kijken naar de knelpunten die leiden tot karige zorg.

Terug naar boven